De Geschiedenis Van Rum deel 1

Bijgewerkt op: 20 okt.

Er is geen drank ter wereld die zo duidelijk zijn stempel heeft gedrukt op de geschiedenis dan Rum. Om te begrijpen waarom, dienen we te weten hoe deze drank ontstaan is. Daarom duiken we in dit eerste deel even de geschiedenis in.


Wat is Rum?

Om te weten hoe Rum ontstaan is, is het belangrijk om te begrijpen wat Rum nu juist is. Ik ga je hier niet vervelen met de regeltjes en voorwaarden, aangezien deze nogal durven verschillen per land of regio. Wat wel belangrijk is, is dat elke Rum moet gemaakt zijn op basis van suikerriet. Rum is dus, heel eenvoudig gesteld, een distillaat van gefermenteerd suikerriet, dat geen toevoegingen mag krijgen tijdens het distilleren.


Suikerriet

Suikerriet is dus het belangrijkste element in de productie van Rum. Velen kennen suikerriet van ... rietsuiker, maar weten niet veel van de plant zelf. Suikerriet is een plant uit de familie van de grassen. Het lijkt qua structuur sterk op maïs en bamboe, die tot dezelfde familie behoren. Net als bamboe kan ook suikerriet heel groot worden, soms tot wel 5 meter lang, en net als bamboe komt suikerriet uit Azië. Verrast?

De meeste mensen denken dat suikerriet uit Zuid-Amerika of Afrika komt, maar deze plant heeft zijn roots in Papoea-Nieuw-Guinea. We zijn hier vrij zeker van omdat er enkele ecosystemen rond deze plant ontstaan zijn die nergens anders terug te vinden zijn.

Sommige mensen zullen beweren dat suikerriet zijn oorsprong vindt in Indonesië. Dit is niet helemaal correct, maar er zit wel een deel van waarheid in, want van alle variëteiten die in Papoea-Nieuw-Guinea te vinden zijn is de Saccharum officinarum, diegene die het meeste suiker produceert, de versie die in Indonesië verbouwd is geworden als een gewas voor consumptie.

Suikerriet is dus een gras, maar wel eentje met een unieke eigenschap. Waar andere grassen zetmeel produceren en pas bij voortplanting, en in specifieke omstandigheden, suiker gaan produceren, produceert suikerriet altijd suiker. Wanneer je de harde bast verwijdert krijg je een vezelige binnenkant waarop je kan kauwen. Op dat moment komt er een mierzoet sap vrij dat je voorziet van een enorme hoeveelheid energie. Geen wonder dus dat deze plant snel zijn opmars in Azië heeft voortgezet. De plant was in gans het Zuiden van Azië te vinden, tot op eilanden in de Pacific. Omdat het sap van suikerriet snel begint te fermenteren en zo niet meer geschikt is voor consumptie, werd er, door het sap in te koken tot kristalvorming optreed, rietsuiker gewonnen. Rietsuiker kon lang bewaard worden en gaf dezelfde energie als het sap zelf. De eerste Westerse contacten met de plant kwamen er in de tijd van Alexander de Grote. Zijn legers die waren opgerukt tot aan de grens met India kwamen deze plant tegen en een generaal van Alexander de Grote noemde het 'een plant die honing maakt zonder bijen'. Je zou denken dat op dat moment het lot van de plant verzegeld was en dat deze snel zijn opmars zou maken in onze contreien, maar dat moet nog ongeveer 1000 jaar wachten, tot wanneer de Moren de regio's rond de Middellandse Zee veroveren.

Gebieden veroverd door de Moren

De Moren, in tegenstelling tot de Grieken, erkenden het belang van suikerriet. Niet alleen vanwege zijn energie, maar vooral vanwege het economische belang. Intussen was suiker een gewild goedje geworden op het Europese continent. Waar het in eerste instantie een specerij was die enkel voor de superrijken beschikbaar was, werd suiker meer en meer een goedje waar meerdere mensen van konden genieten. Omdat handel en rijkdom een voorwaarde zijn om snel grote gebieden te kunnen veroveren namen de Moren dan ook suikerriet, en dus suiker, mee op hun veroveringen. In een mum van tijd was Noord-Afrika en Zuid-West Europa vol geplant met de zoete plant.

De Moren brachten vanuit Azië ook de kunst van het distilleren mee. Twee vliegen in één klap dus.

Het verbouwen van suikerriet is dan ook heel eenvoudig: je legt een korte stronk horizontaal in 20cm diepe aarde en uit elk knooppunt groeit een nieuwe plant. Wanneer je deze manueel oogst groeit er tot 5 keer een nieuwe plant uit.

De Moren hebben ons dus een stap dichter gebracht bij het ontstaan van Rum. Twee stappen eigenlijk: De Moren brachten vanuit Azië ook de kunst van het distilleren mee. Twee vliegen in één klap dus.


Wanneer het Iberische schiereiland teruggewonnen was op de Moren, bleven we dus over met suikerriet en met de mogelijkheid om te distilleren. Je zou denken dat op dat moment al de link gelegd wordt om Rum, of iets wat daar op lijkt, te maken, maar niets in de geschiedenis lijkt hierop te wijzen. Hoogst waarschijnlijk omdat daar op dat moment geen noodzaak toe was. Distilleren was gemakkelijker toe te passen op bestaande alcoholhoudende dranken. Het fermenteren van suikerriet(sap) werd ook nooit opzettelijk in de praktijk gebracht.


De grote oversteek

Suiker werd meer dan ooit economisch belangrijk en veroverde de westerse wereld. Plantages schoten in het zuiden als paddenstoelen uit de grond. Vooral op Spaanse en Portugese eilanden werd het zoete riet aangeplant. De veelal vulkanische ondergrond en het vochtige en warme klimaat bieden dan ook uitermate gunstige omstandigheden. En toen begon Christoffel Columbus aan zijn grote reis om een nieuwe handelsroute te vinden richting Azië. Columbus kwam, zoals we weten, nooit in Azië aan maar ontdekte het Caraïbisch gebied. Na zijn ontdekking van de nieuwe wereld, kreeg Christoffel Columbus de belofte dat 10% van de rijkdom uit dat gebied naar hem zou gaan. De Spanjaarden waren er dan ook van overtuigd dat er goud en andere edelmetalen gevonden kon worden. Columbus was een zakenman en had toen al twijfels bij het bestaan van goud op de eilanden, en aangezien er in zijn aangetrouwde familie al verbouwers waren van suikerriet en hij tevens ervaring had met het transport ervan, had hij het idee om de plant mee te nemen op zijn oversteek. Zijn idee dat de plant er goed zou gedijen was terecht,... alhoewel.

Columbus wordt begroet door de lokale bevolking op Hispaniola - Theodore de Bry 1592

Om een plantage te laten werken, is er personeel nodig. Op eilanden zoals Madeira en de Azoren werden Afrikaanse slaven gebruikt om de plantages draaiende te houden. Op de Caraïbische eilanden had Columbus gedacht dit te kunnen doen met de lokale bevolking. Dat was een misrekening. Columbus en zijn bemanning waren namelijk heel streng en agressief ten opzichte van de bevolking met de bedoeling hen aan het werk te krijgen. Velen stierven door de opgelegde straffen en uitputting. Gelukkig had de lokale bevolking een goede geografische kennis van het gebied en toegang tot schepen, waardoor sommigen snel konden vluchten. Toch zal het later een maat voor niets blijken, want bijna gans de bevolking zal uiteindelijk uitsterven door het feit dat ze niet resistent bleken tegen de ziektes die de kolonisten met zich meebrachten. Columbus zal onsuccesvol blijken in zijn poging om goud te vinden, en suikerriet te planten. Op de koop toe leiden zijn harde aanpak van de lokale bevolking en zijn moorden op diezelfde bevolking tot een gevangenisstraf bij terugkomst.

Uiteindelijk zal het de Spanjaarden toch lukken om suikerriet te planten, dankzij diezelfde Afrikaanse slaven die ze reeds in andere plantages aan het werk hadden gezet. Het begin van een gruwelijk deel van de geschiedenis.


De Driehoek van de dood

Ondertussen loopt de kolonisatie van de nieuwe wereld op volle toeren. Elk land met een marine en een honger voor rijkdom en prestige stuurt manschappen naar het gebied om er de grondstoffen te delven, of om er een strategische basis te maken. De Spanjaarden bleven volhouden aan hun drang om goud en andere edelmetalen te vinden en namen het suikerriet, katoen en tabak er maar bij. Andere naties, zoals de Portugezen, namen het zekere voor het onzekere en zetten massaal in op de productie van suiker, katoen en tabak. In wat nu Brazilië is worden gigantische plantages gestart en worden er slaven aangevoerd vanuit de Afrikaanse Westkust waar de Portugezen een handel in slaven hebben opgezet met de lokale koningen. Om het transport te faciliteren werd er gebruik gemaakt van de West-Indische Compagnie. Dit Nederlandse bedrijf zetten een driehoekshandel op die drank en wapens van Europa naar Afrika transporteerde en ze daar verhandelde tegen slaven. Die slaven werden op schepen gezet richting Zuid-Amerika waar ze verhandeld werden voor suiker, tabak en andere producten. Die producten vonden dan weer hun weg richting Europa. Vooral de handel in suiker was enorm lucratief, aangezien suiker per kilogram bijna even duur, of zelfs duurder, was dan goud.

De menselijke tragedie van slavernij, waarbij 600-700 slaven op elkaar gepropt werden in schepen die geen accommodatie hiervoor hadden houdt jaren aan en zal meer dan 12 miljoen Afrikanen naar het gebied brengen. Miljoenen zullen hun bestemming niet bereiken en sterven aan de ziektes en ontberingen op het schip.

De handel bleef ook duren dankzij de inzet van de West-Indische Compagnie, want toen de Spanjaarden, wegens het uitblijven van het vinden van goud, dreigden hun kolonies te verlaten en de plantages stop te zetten, benaderden de Nederlanders ook de Britse en Franse kolonisten met de bedoeling de suiker-, katoen- en tabakshandel in leven te houden.


Vindingrijkheid in slechte tijden

Slaven werden dus massaal ingezet voor de kweek van suikerriet en de productie van suiker. Om suiker te produceren wordt er door een specifiek procedé suikerriet sap ingekookt tot er kristalvorming optreed. Een gevaarlijk werkje waarbij veel slaven brand- en andere wonden opliepen. Eens de suikerkristallen gemaakt zijn, blijft er een dikke donkere brij over: melasse. Melasse is in essentie ingekookt suikerriet sap waar niet genoeg suiker meer inzit om kristalvorming te krijgen. Ongeveer 45% van het suiker wordt gerecupereerd. De rest blijft in de melasse achter. Dit bruine goedje was dus afval en werd ofwel gebruikt als meststof, ofwel als dierenvoeder, maar in veel gevallen werd het gewoonweg gedumpt in de zee. Volgens vele verhalen zag de zee rond sommige eilanden zwart wanneer de productie van suiker was begonnen.

Verwerking van suikerriet op Antigua 1823

Het zwarte goedje had nochtans potentieel. Slaven op het eiland Nevis, die melasse vroegen aan hun meester, hadden ontdekt dat het resterende suiker voldoende was om fermentatie op gang te brengen, en dus hadden slaven een manier ontdekt om van de melasse een alcoholische drank te maken. Hiervoor gebruikten ze primitieve distillatietechnieken. De meesters op de plantages waren heel gelukkig met die ontdekking, want de toegang tot alcohol was blijkbaar een motiverende factor voor de slaven. Nu nog...


En toen was er ... Rum!

De techniek om alcohol te verkrijgen uit melasse verspreidt zich als een lopend vuurtje op de eilanden. Extra motivatie van slaven in ruil voor afval? Dat ziet elke eigenaar van een plantage wel zitten. De drank kreeg de naam Kill-Devil, vanwege de kalmerende eigenschappen bij de slaven. Dit trekt ook de aandacht van enkele mensen met ervaring in distillatietechnieken. Naar alle waarschijnlijkheid is op Barbados de eerste Rum gedistilleerd door gebruik te maken van een, toen nog moderne, pot still waarbij de gefermenteerde melasse tot het kookpunt van Alcohol wordt gebracht (+/-70°C) en er zo een sterke drank ontstaat.

Schematische voorstelling van een koperen pot still. Primitievere versies waren uit steen, klei of zelfs hout gemaakt.

De drank heette toen Rumbullion en was waarschijnlijk niet zo lekker. De technieken om sterke drank te verkrijgen waren toen nog niet zo verfijnd en de kennis van het distilleren was beperkt bij de mensen op de Caraïben. Toch werd er verder aan gewerkt en werd er uiteindelijk een Rum gemaakt die niet alleen drinkbaar was, maar ook smaakvol genoeg om de melasse niet meer aan de slaven te geven, maar deze voortaan in te zetten voor de productie van Rum. De spiraal van tegenslagen blijft maar duren voor de slaven.


Binnenkort: deel 2

81 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven